Oost-Slovenië

Daar waar de bergen stoppen, houdt Slovenië nog niet op. Naar het oosten toe wordt Slovenië steeds een beetje vlakker. De enige bergketen hier reikt op het hoogste punt nog maar net boven de 1.500 meter. De natuur blijft ook hier even overweldigend als in de rest van het land. Ontdek pittoreske dorpjes en stadjes tussen de groene hellingen en ga mee in de ontspannen manier van leven hier. Helemaal ontspannen kun je in één van de spa-resorts in dit deel van het land.
Waar ligt Oost-Slovenië en wat valt er niet onder?
Oost-Slovenië is de vlakkere helft van het land, tussen Pohorje en de Hongaarse grens. Wij rekenen er vie rdeelgebieden toe: Štajerska met Maribor, Ptuj, Celje en Laško, het Pohorje met Rogla, Pannonisch Slovenië met Prekmurje, Goričko en de wijnheuvels vanJeruzalem, en Koroška. Dolenjska, Bela krajina en Rogaška Slatina horen bij Zuid-Oost Slovenië.
Die laatste zin is geen formaliteit. Wie zoekt op de thermen van Slovenië komt bijna altijd uit bij Rogaška Slatina en Terme Olimia, en die liggen in de Sotla-hoek, niet hier. Logarska dolina en Velika Planina worden ook vaak bij het oosten gerekend, maar die horen bij de Kamnik-Savinja Alpen. Wij houden die grenzen aan omdat ze kloppen met hoe je er reist: het oosten is vlak, breed en langzaam, en de bergen beginnen ergens anders.
Het water in het oosten borrelde hier al lang voordat er hotels omheen werden gebouwd.
Thermen: het water was er eerder dan de hotels
Slovenië telt veertien natuurlijke kuuroorden en de meeste liggen in het oosten. De thermen hieronder liggen in deze regio. De kuuroorden van de Sotla-hoek en de Sava staan bij Zuid-Oost Slovenië, en een overzicht van het hele land vind je in onze wellnessgids.
Wat het oosten onderscheidt is niet de wellness maar de ondergrond. Onder Prekmurje en Pomurje zit warm, mineraalrijk water dat er al was voordat iemand bedacht dat je er een badhuis omheen kon bouwen. In Moravske Toplice komt het als zwart thermo-mineraal water naar boven, in Radenci als bronwater dat in de negentiende eeuw als mineraalwater werd gebotteld en tot ver buiten het land werd verkocht.
Terme 3000 in Moravske Toplice is het grootste complex van de streek. Radenci en Banovci zijn kleiner en rustiger, en dat is hier eerder een voordeel dan een gebrek. Terme Ptuj ligt aan de rand van de oudste stad van het land, wat een ongewone combinatie oplevert: je zwemt ’s middags en loopt ’s avonds door een Romeinse stadskern. Verder westelijk liggen Dobrna, Laško, Velenje en Topolšica, allemaal binnen een uur van Maribor.
Met kinderen: Terme 3000 en Terme Ptuj hebben allebei een waterpark met glijbanen. Dat is een ander bezoek dan een dag in het thermale bad, en het is goed om vooraf te weten welk van de twee je komt doen.
Praktisch: de meeste complexen verkopen dagkaarten los van de overnachting, en hotelgasten hebben doorgaans onbeperkt toegang tot de baden. Voor een eerste bezoek is een dagkaart genoeg om te bepalen of je terug wilt komen.

Jeruzalem en de wijnheuvels van Slovenske gorice
Midden in de heuvels tussen de Mura en de Drava ligt een dorp dat Jeruzalem heet. De naam komt uit de dertiende eeuw: kruisvaarders brachten een icoon van Maria mee uit Jeruzalem en plaatsten die in de kapel die daar stond, nadat Frederik van Ptuj het gebied aan hen had toegewezen. De kerk die er nu staat is gewijd aan Maria van de Zeven Smarten.
Jeruzalem ligt zeven kilometer ten zuiden van Ljutomer en negen kilometer ten noorden van Ormož, op een rug met wijngaarden aan weerszijden. De wijnroute over die rug is het bekendste stuk van de Sloveense wijnbouw dat de meeste Nederlanders nooit hebben gezien. Hier groeien vooral witte druiven: laški rizling, šipon, sauvignon en traminec.
Šipon verdient een aparte zin. Het is dezelfde druif als de Hongaarse furmint, waar aan de andere kant van de grens de zoete Tokaj van wordt gemaakt. Hier doen ze het omgekeerde en maken ze hem droog, met de hoge zuren van de druif als het hele punt in plaats van als iets om weg te poetsen. Meer over de streken en de druiven staat in onze gids over de Sloveense wijnregio’s, en over de wijnen van het westen lees je bij Brda en de Vipava-vallei.
De oogst valt hier laat, eind september tot begin oktober, en dat is ook de mooiste tijd om over die heuvelruggen te rijden.

Is Maribor een bezoek waard?
Ja, en vooral om één ding: tegen de gevel van een huis aan de Drava groeit de oudste nog vruchtdragende wijnstok ter wereld. De leeftijd is bevestigd op vierhonderd jaar en hij staat als zodanig in het Guinness Book of Records. Hij draagt nog steeds druiven, van het ras žametovka, en elk jaar eind september wordt hij plechtig geoogst tijdens het Festival Stare trte. In 2026 is dat van 24 tot en met 27 september.
Maribor is verder de tweede stad van het land, met een oude wijk aan het water die Lent heet, een stadspark met vijvers en een skigebied dat vanuit het centrum met de kabelbaan bereikbaar is. Wat er precies te doen is en hoeveel tijd je nodig hebt, staat in onze stadsgids voor Maribor.
Dat die stok juist hier staat is geen toeval. Lent is de oude oeverwijk waar de wijnhandel zich afspeelde, en de plant groeit tegen de gevel van wat nu het wijnstokhuis is. De oogst is klein: een paar tientallen kilo’s, goed voor ongeveer honderd flesjes die de stad als relatiegeschenk weggeeft. Kopen kun je ze niet.

Ptuj: de oudste stad van het land
Ptuj is de oudste stad van Slovenië en dat zie je aan de lagen. Onder de middeleeuwse straten ligt het Romeinse Poetovio, boven de stad staat een kasteel met uitzicht over de Drava, en in de kelders eronder ligt wijn die deels uit de jaren zeventig komt.
Eén week per winter verandert de stad volledig. Dan is Ptuj van de Kurenti, figuren in schapenvachten met verenmaskers en zware koebellen, die de winter komen verjagen. Kurentovanje is het grootste en oudste carnaval van het land en staat op de UNESCO-lijst.
De rest van het jaar is Ptuj een klein stadje dat je in een ochtend uitloopt. Het kasteel is museum geworden, met onder meer een verzameling historische muziekinstrumenten. Wat het bezoek de moeite waard maakt is niet één topstuk maar de plattegrond eronder: oud genoeg om op elke hoek iets te laten zien. Ptuj ligt bovendien op een half uur rijden van zowel Maribor als de wijnheuvels, wat het een logische uitvalsbasis maakt.

Celje, Žalec en de hop van de Savinja-vallei
Celje is de derde stad van Slovenië en ligt aan de westrand van deze regio, aan de benedenloop van de Savinja. Let op d enaam van die rivier: de bovenloop met Logarska dolina hoort bij de Kamnik-Savinja Alpen, Celje en Žalec horen hier.
Boven de stad ligt Stari grad, een uitgestrekt vestingcomplex op een heuvel in de bocht van de rivier. De graven van Celje die hier zetelden waren in de late middeleeuwen het machtigste adelsgeslacht van het gebied, en de drie gouden sterren uit hun wapen staan nog altijd in het Sloveense staatswapen. Onder de huidige binnenstad ligt bovendien het Romeinse Celeia, waarvan een deel ondergronds te bezichtigen is.
Iets westelijker ligt Žalec, en daar staat iets dat nergens anders ter wereld staat: een bierfontein. Sinds 6 september 2016 tapt hij bier uit de brouwerijen van de streek. Je koopt een glas van elf euro en tapt daarmee zes keer een deciliter, van zes verschillende kranen.
Dat klinkt als een truc, en deels is het dat ook, maar de aanleiding is serieus. De Savinja-vallei is hopland. Slovenië is de vijfde hopproducent ter wereld, en het grootste deel daarvan groeit in de velden tussen Žalec en Celje. In augustus staan de planten er in rijen van meters hoog en ruikt het hele dal ernaar.
In december is Celje een van de mooiste plekken van het land. De stad droeg in 2025 de titel European Christmas City, en de kerstmarkt in de oude binnenstad loopt de hele maand door.

Wat doe je op het Pohorje en op Rogla?
Het Pohorje is een lang, bebost bergmassief ten zuidwesten van Maribor, en Rogla is het hoogste punt dat je met de auto bereikt. Twee dingen daar vind je nergens anders in Slovenië.
Het eerste is Pot med krošnjami, het boomkroonpad. Een houten loopbrug van 1.043 meter die tot ongeveer twintig meter boven de bosbodem klimt en eindigt in een uitkijktoren van 37 meter. De stijging is nergens meer dan zes procent, waardoor het pad toegankelijk is voor rolstoel en kinderwagen. Naar beneden kan via een tunnelglijbaan voor twee euro extra. Het pad is het hele jaar open, behalve op 1 november en 24 december.
Het tweede is Lovrenška jezera, het grootste hoogveen van het land. Een twintigtal veenoogjes op 1.500 meter hoogte, alleen gevoed door regenwater, bereikbaar over een houten vlonderpad. De rondwandeling vanaf Hotel Planja is vijftien kilometer en kost drie tot vier uur. Meer routes en niveaus staan in onze gids over wandelen in Slovenië.
Op Rogla zelf staat een stalen uitkijktoren van dertig meter op 1.540 meter, een kilometer lopen vanaf de parkeerplaats bij Hotel Planja. Die is gratis. Let op de naamsverwarring: de uitkijktoren op het Mariborsko Pohorje is een ander bouwwerk, ligt vijftig kilometer verderop en is sinds juni 2020 gesloten wegens vervallen staat.
In de winter is Rogla een klein skigebied van ongeveer twaalf kilometer piste op 1.517 meter, met kunstsneeuw en nachtskiën.

Goričko en de Mura: het stilste stuk van Slovenië
Als er op deze pagina één verborgen parel staat, dan is het Goričko. Het landschapspark beslaat 46.200 hectare, is opgericht in 2003 en maakt deel uit van Natura 2000, met 47 beschermde natuurwaarden. Samen met het Oostenrijkse Raab en het Hongaarse Őrség vormt het een drielandenpark van ruim 105.000 hectare.
Het park is geen wildernis maar een cultuurlandschap: glooiende akkers, boomgaarden, hooilanden en dorpen met lange smalle percelen die eeuwenlang zo verdeeld zijn gebleven. Dat maakt het vooral een gebied om doorheen te rijden of te fietsen, niet om één bezienswaardigheid af te vinken.
Het grootste kasteel van Slovenië staat hier, in het dorp Grad, gebouwd op vulkanische as. En bij Lendava staat de Vinarium-toren: 53,5 meter hoog, met een uitkijkplatform op 42 meter waar je over vier landen kijkt. Slovenië, Hongarije, Kroatië en Oostenrijk, in één blik. Er zijn 240 treden en er is een lift, die niets extra kost.
Koroška
Koroška is de smalle strook langs de Oostenrijkse grens, met de Mislinja-vallei als hart en Slovenj Gradec als stadje. Het bekendste stuk is het fietspad over een oud spoortracé, vlak en breed, wat het een van de weinige plekken in Slovenië maakt waar je ontspannen met kinderen kunt fietsen zonder klimmen.
Slovenj Gradec heeft een museum voor moderne kunst dat groter is dan het stadje doet vermoeden, en de omgeving bestaat uit weiden, bossen en verspreide gehuchten. Koroška is het minst bezochte van de vier deelgebieden, en dat is precies de reden om er een dag aan te geven als je toch in het oosten bent.
Eten in het oosten: gibanica, bograč en pompoenzaadolie
Prekmurska gibanica is een taart van tien lagen met maanzaad, walnoot, appel, kwark en bladerdeeg, en hij is sinds 2 maart 2010 als Gegarandeerde Traditionele Specialiteit geregistreerd in het EU-register. Dat is geen smaakoordeel maar een juridische status: het recept ligt vast.
Bograč is de stoofpot van Prekmurje, genoemd naar de ketel waarin hij wordt gemaakt. En bučno olje, de donkergroene pompoenzaadolie uit Štajerska en Prekmurje, gaat hier over vanille-ijs. Dat klinkt vreemder dan het smaakt. Meer over de streekkeukens staat in onze gids over de Sloveense keuken, en waar je terecht kunt lees je in uit eten in Slovenië.
Praktische tips voor je bezoek aan Oost-Slovenië
- Hoe kom je er?
Met de auto vanuit Ljubljana rijd je in ongeveer anderhalf uur naar Maribor over de A1. Ptuj ligt een half uur verder oostelijk, Moravske Toplice en Lendava nog eens drie kwartier. Met het openbaar vervoer kom je in Maribor, Ptuj en Murska Sobota, maar de wijnheuvels, Goričko en het Pohorje zijn zonder auto lastig. Voor deze regio is een auto huren praktisch gezien de enige manier om alles te zien.
- Hoe lang blijf je?
Drie tot vier dagen is genoeg voor een goede indruk: een dag Maribor en Ptuj, een dag wijnheuvels, een dag thermen, en een dag Pohorje of Goričko. Wie alleen voor de thermen komt, kan aan een lang weekend genoeg hebben.
- Wanneer ga je?
De nazomer en de vroege herfst zijn hier het sterkst. September en oktober vallen samen met de oogst, het water in de thermen is dan juist aangenaam, en de bossen van het Pohorje kleuren pas eind oktober. Wat elke maand doet, staat per maand in onze gids over de beste reistijd voor Slovenië.
- Waar slaap je?
De thermen zijn hier de grootste aanbieders van overnachtingen, en dat is meteen de meest praktische basis: je slaapt waar je zwemt. In de wijnheuvels rond Jeruzalem en Ljutomer zitten kleine toeristische boerderijen tussen de wijngaarden. Maribor en Ptuj hebben gewone stadshotels.
Laatst geverifieerd: september 2026 | Laatst bijgewerkt: september 2026 | Auteur: Mijn Slovenië
Bronnen: slovenia.info, visitmaribor.si, slovenia-spa.si, rogla-pohorje.si, Mijn Slovenië


